Mij ontsnapte een vloek. En nog een. Daar stond ik dan, langs de kant van de weg. Mijn handen zwart van het smeer. Ik had al vijf minuten aan mijn fietsketting lopen sjorren, maar er was geen beweging in te krijgen. De ketting was er afgelopen tijdens het schakelen en die had ik stevig tussen de kettingkast en het frame getrapt.

Ja…

Ahum…

Dus…

Nog acht kilometer te gaan, lopen dan? Nee, ik probeer het zo nog wel een keer.

Zucht…

Vier fietsende pensionada’s stopten: “probleempje?”. Ik liet mijn zwarte handen zien en vertelde dat mijn ketting er af was gegaan en ik nu probeerde hem er weer op te leggen. De fietsers waren erg behulpzaam en ging direct in de oplosstand.

En daar krijg ik het dus benauwd van, als iemand mijn probleem “ff oplost”. En niet figuurlijk, echt letterlijk benauwd, ik voel een druk op mijn borst en heb moeite met ademen.

Meneer 1 haalde handschoenen uit zijn fietstas (was duidelijk veel beter voorbereid dan ik).

Meneer 2 boog zich over mijn fiets.

Ik stond met de vrouwen uit het gezelschap te kijken. Toekijkend als een mak schaap, een damsel in distress. Ik had natuurlijk de hulp kunnen afwijzen, kunnen zeggen dat het wel zou lukken. En… Waarschijnlijk zou het ook gelukt zijn, maar goed ik had al pijn aan mijn vingers. En ze hielpen met liefde.

Meneer 2 rommelde een tijdje aan mijn fiets en toen hij hem er niet meteen op kon leggen, voelde ik wat opluchting. Het lag niet aan mij. Ik was geen domme doos die niet voor zichzelf kon zorgen. Na veel wrikken en vieze handschoenen was de ketting gefikst en kon ik verder.

Meneer 1 haalde uit zijn fietstas nog even een pakje zakdoekjes. -Voor je vieze handen, wel zo fijn, zei hij (oh echt zo veel beter georganiseerd dan ik).

Meneer 2, de redder in nood, hoefde geen kus, zei hij, het was immers coronatijd. Maar anders…

Overtuiging

De hele rit naar huis en nu, tijdens het schrijven had ik er last van. Zelfstandigheid is wel een dingetje. Ik wil namelijk alles zelf kunnen, net als een tweejarige peuter! Vaak ben ik er ook best trots op, die zelfstandigheid; toen ik 17 was bijvoorbeeld, was ik de enige van mijn vriendinnen die een band kon plakken, heel handig als je samen op vakantie bent!

Maar er zijn ook vele, vele nadelen aan deze overtuiging.

  1. Het gaat nooit lukken, je kunt immers echt niet alles
  2. Je ontneemt anderen de kans om iets te leren, want jij doet het wel even
  3. Je kunt niet genieten van een helpende hand
  4. Je voelt je aangevallen als iemand je uit vriendelijkheid wil helpen (wat denk je, dat ik het zelf niet kan?)
  5. Je voelt je onwijs dom als iets niet lukt waarvan je vindt dat het zou moeten lukken.
  6. Er is ook iets met feminisme en seksisme dat aan de orde is… vul maar in.
  7. Mensen die zich (zonder noodzaak) afhankelijk maken van anderen voor de kleine klusjes (band plakken, lamp ophangen, gaatje boren), irriteren je mateloos.

Gelukkig ben ik niet enige die hier last van heeft. Ik hoor het regelmatig terug in mijn praktijk. Veelal hoor ik dan van mensen dat ze niet beter weten, dat ze in hun jeugd al zelfstandig waren, verantwoordelijkheid kregen voor broertjes of zusjes. Of er was een ziek gezinslid dat meer aandacht nodig had, waardoor ze als kind niet op wilde vallen.

Hoogbegaafdheid

Hoogbegaafdheid verergert deze situatie alleen. Naast het ‘gevoel van zelfstandigheid’, kun je ook nog eens heel veel best goed en heb je dingen snel door, je kunt problemen voorkomen en oplossingen bieden. Ook als kind. De verwachting van de buitenwereld ligt dan al snel erg hoog. De verwachting van jezelf ligt waarschijnlijk nog hoger. En hoe vaker je aan die verwachting voldoet, hoe moeilijker het is om de overtuiging kwijt te raken.

Als een kind op jonge leeftijd al erg gefrustreerd raakt als iets niet lukt, zorg dan dat je het leert dat fouten maken oké is. Doe die niet alleen met woorden, maar ook door je eigen fouten te benoemen. Vier je fouten, net als je successen, van fouten leer je namelijk het meest. En gesprekken over “de domme dingen die jij deze week gedaan hebt” of “de stoute dingen die je vorige jaar hebt uitgehaald”, leiden tot veel hilariteit. Natuurlijk wel altijd in alle veiligheid, accepteer je kind (en jezelf),

Het is oké

Ik begrijp ondertussen een beetje waar mijn drang naar zelfstandigheid vandaan komt. De overtuiging “ik moet alles zelf kunnen” is voor mij niet meer van belang als strategie, ik heb dit nu, als volwassene, niet meer nodig. Daarom laat ik me soms helpen, en kan ik me soms voordoen als een onwetende vrouw (bijvoorbeeld bij de autogarage). Ik kies er nu voor om me niet meer te laten leiden door die overtuiging. Soms is dat heel moeilijk, maar bewustzijn is de eerst stap. Soms is het ook best fijn… om niet zelf aan een fiets te sleutelen!

Het is oké om geholpen te worden, ook als dat niet perse nodig is.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *